Jacob Cats
Biografie(ën) over Jacob Cats P.G. Witsen Geysbeek, Biographisch anthologisch en critisch woordenboek der Nederduitsche dichters. Deel 2 CAB-GYZ (1822)
A.J. van der Aa, Biographisch woordenboek der Nederlanden. Deel 3 (1858)
F. Jos. van den Branden en J.G. Frederiks, Biographisch woordenboek der Noord- en Zuidnederlandsche letterkunde (1888-1891)
P.J. Blok en P.C. Molhuysen, Nieuw Nederlandsch biografisch woordenboek. Deel 6 (1924)
K. ter Laan, Letterkundig woordenboek voor Noord en Zuid (1941)
G.J. van Bork en P.J. Verkruijsse, De Nederlandse en Vlaamse auteurs (1985)
Werken van Jacob Cats Carmen in laudem doctissimi & eximij juvenis Iohannis Antonii Amstelrodamensis (1593)
Ode epithalamia in nuptias nobilissimi iuvenis Galeni van-der-Laen ac generosae virginis Franciscae ab Hemstede (1595)
Disputatio de actionibus, compilata quasi per Saturam ex. Tit. Inst. De Actionibus (1598)
Proteus of Sinne- en minnebeelden (1618)
Aenmerckinghe op de tegenwoordige steert-sterre (1619)
Self-stryt (1620)
Houwelick (1625)
Spiegel van den ouden en nieuwen tyt (1632)
Klagende maeghden en raet voor de selve (1633)
Trouringh (1637)
Koningklyke herderin Aspasia (1655)
Alle de wercken van Jacob Cats (1655; herdr. 1658 en 1665)
Doodkiste voor den levendige (1656)
Ouderdom, buytenleven en hofgedachten op Sorghvliet (1658)
Twee- en tachtig-jarig leeven (1659)
Uitgaven van Jacob Cats Dichterlijke vertellingen uit den Trouwring en het Huwelijk (alleen scans beschikbaar) (1851)
Alle de werken (ed. J. van Vloten). Deel 1 (alleen scans beschikbaar) (1862)
Alle de werken (ed. J. van Vloten). Deel 2 (alleen scans beschikbaar) (1862)
Alle de werken (ed. J. van Vloten) (2 delen) (1862)
Het Spaens heydinnetje (ed. F. Buitenrust Hettema) (alleen scans beschikbaar) (1890, 1933[5])
Zinne- en minnebeelden (ed. E.v.O.) (alleen scans beschikbaar) (1905)
Verzamelde dichtwerken (ed. Fokko Bos) (alleen scans beschikbaar) (1911)
Keur uit de gedichten van Jacob Cats (ed. Joh. Vorrink) (alleen scans beschikbaar) (1929)
Spiegel van den ouden en nieuwen tijd (ed. M.G. Schenk) (1946)
Sorghvlietrymen (ed. Leo van Breen) (1953)
Schalkse Jacob (ed. J. Vos) (1960)
Sinne- en minnebeelden (ed. J. Bosch) (1960)
Spiegel van menselijk leven in prenten en verzen van J.C. (ed. G.A. van Es) (1962)
Het Spaens heydinnetje (ed. H.J. Vieu-Kuik) (alleen scans beschikbaar) (1963)
Het Spaens heydinnetje (ed. H.J. Vieu-Kuik) (alleen scans beschikbaar) (1963)
Spiegel van den Ouden ende Nieuvven Tijd (ed. Isaac Burghoorn) (1968?)
Zedenkundig vermaan voor jong en oud (ed. G.A. van Es) (1977)
Aenmerckinghe op de tegenwoordige steert-sterre en drie lofdichten op Philips van Lansbergen (ed. G.J. Johannes) (1986)
Primaire teksten van Jacob Cats elders in de dbnl Jacob Cats, ‘Nopen.’ In: Zeeusche Nachtegael (1623)
Jacob Cats, ‘Aliquid putat esse, quod vmbra est.’ In: Zeeusche Nachtegael (1623)
Jacob Cats, ‘Ghedicht Ter eeren den Eer-weerden, Hoogh-geleerden, ende Wijt-beroemden D. Philips van Lansberge, des selffs Bouck van 't ghebruyck des Astronomischen ende Geometrischen Qvadrants.’ In: Zeeusche Nachtegael (1623)
Jacob Cats, ‘Nievwe-iear ghedicht.’ In: Zeeusche Nachtegael (1623)
Jacob Cats, ‘Aen-spraecke Tot L. Scipio, Over het vvedergeven van sekere E. over schoone Maget, aen haren Bruydegom.’ In: Zeeusche Nachtegael (1623)
Jacob Cats, ‘Optimvs est ivvenilis amor.’ In: Zeeusche Nachtegael (1623)
Jacob Cats, ‘Lof-ghedicht op de ghedenck-vveerdighe Nationale Synode, ghehouden tot Dordrecht, Anno 1618. ende 1619.’ In: Zeeusche Nachtegael (1623)
Jacob Cats, ‘Principiis Obstra.’ In: Zeeusche Nachtegael (1623)
Jacob Cats, ‘Bedenckinghe Op de Steert-Sterre, Ghesien int Iaer 1618. ende gheduydet op de vergaderinghe van de Synode, Ghehouden tot Dordrecht.’ In: Zeeusche Nachtegael (1623)
Jacob Cats, ‘Ghedicht Op het bouck Des vveerde eervveerden ende Godsalighen Dienaers des VVoordts MR. Willem Teellinck. Ghenaemt Balsem Gileads voor Zions VVonde.’ In: Zeeusche Nachtegael (1623)
Jacob Cats, ‘Rien, que les premiers Amours.’ In: Zeeusche Nachtegael (1623)
Jacob Cats, ‘Cvpido Brille-Man.’ In: Zeeusche Nachtegael (1623)
Jacob Cats, ‘Claegh-Gedicht Op het af-scheyden van den Weerden, Eer-vveerden, God-saligen Symon Rvytinck, Dienaer des Goddelicken woorts, in de Nederlantsche Gemeente, tot Londen.’ In: Zeeusche Nachtegael (1623)
Jacob Cats, ‘Antwoordt op het voorige.’ In: De Nieuwe Haagsche Nachtegaal (1659)
Jacob Cats, ‘Regels van mr. Jacob Cats over het onderwijs, geschreven in de XVIIde eeuw.’ In: Vaderlandsche letteroefeningen. Jaargang 1823 (1823)
Jacob Cats, ‘Nog al eens weder iets over meiboomen.’ In: Vaderlandsche letteroefeningen. Jaargang 1833 (1833)
Isaac Burchoorn, Jacob Cats en Maria de Witte, ‘Gewiekste drukker overtroeft Jacob Cats (1636)’ In: Wat wonders, wat nieuws! De zeventiende eeuw in pamfletten (2002)
Secundaire literatuur over Jacob Cats in de dbnl Anna Roemers Visscher, ‘Dese aendachtige gedichten zijn gesonden van Jonckvrouw Anna Roemersaen de Heer I. Cats, tot op-vveckinghe des Zeeuschen Nachtegaels; ende daerom tot stichtinghe hier by ghevought. Psalm 5.’ In: Zeeusche Nachtegael (1623)
Johanna Coomans, ‘Aenden Hoochgeleerden Heer D. Iacob Cats, Op zijn dry-sinnich Bouck.’ In: Zeeusche Nachtegael (1623)
Anna Roemers Visscher, ‘Aen den geleerden Heer Jacob Cats.’ In: Zeeusche Nachtegael (1623)
Johan de Brune (de Oude), ‘Devghds-Lof: Toe-geeygent Aen mijn heer Mr. Iacob Cats,’ In: Zeeusche Nachtegael (1623)
Anna Roemers Visscher, ‘Aen den selven.’ In: Zeeusche Nachtegael (1623)
Geeraardt Brandt, ‘Het leven van den heere Michiel de Ruiter, Hartog, Ridder &c. L. Admiraal Generaal van Hollandt en Westvrieslandt.Tweede boek.’ In: Leven en bedryf van den heere Michiel de Ruiter (1687)
[tijdschrift] Vaderlandsche Letteroefeningen, ‘Kleine Dichterlyke Handschriften. Tweede Schakeering. Te Amsterdam, by P.J. Uylenbroek. 1789. In groot 8vo. 128 bladz.’ In: Vaderlandsche letteroefeningen. Jaargang 1789 (1789)
Jeronimo de Vries, ‘Tweede afdeeling. Opgave der dichters dezer eeuw.’ In: Proeve eener geschiedenis der Nederduitsche dichtkunde (1810)
[tijdschrift] Vaderlandsche Letteroefeningen, ‘Keur van Dichterlijke Zedelessen, voornamelijk uit J. Cats, door Matthijs Siegenbeek. Te Amsterdam, bij J. Allart. In gr. 8vo. VIII en 147 Bl. f 2-10-:’ In: Vaderlandsche letteroefeningen. Jaargang 1812 (1812)
Adriaan Loosjes Pzn., Het leven van Hillegonda Buisman (1814)
[tijdschrift] Vaderlandsche Letteroefeningen, ‘Proeven van uiterlijke Nederlandsche Welsprekendheid, in navolging van P. Francius, benevens eene Redevoering over Jacob Cats, als Verlichter des Volks en Bevorderaar van het nut van 't algemeen, door Jan Kops, Hoogleeraar te Utrecht. Te Haarlem, bij de Wed. A. Loosjes, Pz. 1818. In gr. 8vo. XVI en 122 Bl. f 1-8-:’ In: Vaderlandsche letteroefeningen. Jaargang 1819 (1819)
Jacob Carel van de Kasteele, ‘Mengelwerk.’, ‘Eerzuil voor den nederlandschen dichter Jacob Cats, gesticht uit zijne eigene werken.’ In: Vaderlandsche letteroefeningen. Jaargang 1821 (1821)
[tijdschrift] Vaderlandsche Letteroefeningen, ‘Jacob Cats aan Neêrlands Jufferschap. Te Dordrecht, bij Blussé en van Braam. 1820. In 12mo. XXX, 320 Bl. f 3-:-:’ In: Vaderlandsche letteroefeningen. Jaargang 1821 (1821)
[tijdschrift] Vaderlandsche Letteroefeningen, ‘Brief aan een' vriend, over onzen vaderlandschen dichter Jacob Cats.’ In: Vaderlandsche letteroefeningen. Jaargang 1821 (1821)
[tijdschrift] Vaderlandsche Letteroefeningen, ‘Jacob Cats zedelijke en meest bijzondere Schoonheden, bijeenverzameld en op eene alphabetische orde gebragt door Mr. Sandelin. Te Brugge, bij Bogaert-Verhaeghe. 1822. In gr. 8vo. 482 Bl.Bundel, uitgegeven door de Koninklijke Maatschappij van Vaderlandsche Taal- en Letterkunde, te Brugge, onder de zinspreuk: Eendragt en Vaderlandsliefde, voor 1821. Te Brugge, bij denzelfden. In gr. 8vo. 131 Bl.Voorleezingen gedaen in de Zael der Koninglyke Maetschappy enz. te Brugge, 22 Sept. en 28 Oct. 1822, behelzende: 1o. Twee Uyttreksels eener Nederlandsche Dichtkunst. 2o. Den roemrugtigen Veldslag by Nieupoort, enz. Door Ths. van Loo, Lid der zelve Maetschappy, enz. Te Brugge, by denzelfden. In gr. 8vo. 32 Bl.Zegeprael behaeld door Maurits van Nassau, Prins van Oranje, by Nieupoort, enz. Heldendicht door J.J. Lambin, van Ypre, enz. Ypre, by Annoy-Vandevyver. In 4to. 8 Bl.’, ‘De Herder op het Slagveld te Nieuwpoort, door L.G. Visscher. Brussel, bij Brest van Kempen. 1822. In gr. 8vo. 7 Bl. f :-8-:Redevoering gehouden by de openbare Prysuitdeeling der Koninglyke Academie van beeldende Kunsten, te Antwerpen, den 6 April 1823. Door J.F. Willems, Lid en Raed derzelve Academie. In gr. 8vo. 14 Bl. f :-8-:By 's Konings komst te Antwerpen, den 17 Oct. 1822. Door J.F. Willems. T'Antwerpen, by de Wed. J.S. Schoesetters. In gr. 8vo. 8 Bl. f :-5-8’ In: Vaderlandsche letteroefeningen. Jaargang 1823 (1823)
Willem de Clercq, ‘Derde Tijdperk. Van het begin tot het midden der zeventiende Eeuw.’ In: Verhandeling ter beandwoording der vraag welken invloed heeft vreemde, inzonderheid de Italiaansche, Spaansche, Fransche en Duitsche, gehad op de Nederlandsche taal- en letterkunde sints het begin der vijftiende eeuw tot op onze dagen? (1824)
[tijdschrift] Vaderlandsche Letteroefeningen, ‘Vader Cats in miniatuur. De Houwelijksfuyck. Een Geschenk voor Vrijers en Vrijsters, Bruidegoms en Bruiden, zoo wel als een stuk in het huishouden voor Jonggetrouwden. Te Amsterdam, bij de Gebr. Diederichs. 1827. In 16mo. 48 Bl. f :-40.’ In: Vaderlandsche letteroefeningen. Jaargang 1828 (1828)
[tijdschrift] Vaderlandsche Letteroefeningen, ‘Feestviering bij de ontsluijering van het Standbeeld van Jacob Cats, Ridder, Raadpensionaris van Holland, opgerigt te Brouwershaven, den 11 Dec. 1829. Uitgegeven door het Bestuur van het Dep. Schouwen der Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen. Met eene Afbeelding. Te Amsterdam, bij de Gebr. Diederichs. 1830. In gr. 8vo. IV en 17 bl. f :-80.’ In: Vaderlandsche letteroefeningen. Jaargang 1830 (1830)
[tijdschrift] Vaderlandsche Letteroefeningen, ‘Nuttige wenk, naar vader Cats, vooral in deze dagen.’ In: Vaderlandsche letteroefeningen. Jaargang 1832 (1832)
[tijdschrift] Braga, ‘Recepten voor Navolging.’ In: Braga: dichterlijke mengelingen. 1844 (1844)
F.A. Snellaert, ‘Vierde tijdvak.’ In: Schets eener geschiedenis der Nederlandsche letterkunde (1850)
[tijdschrift] Vaderlandsche Letteroefeningen, ‘Jacob Cats, de Gids en Troost, inzonderheid der ouden van dagen. Eene Bloemlezing uit zijne belangrijkste werken; in zamenhang gebragt door A.B. van Meerten, geb. Schilperoort. Te Gouda, bij G.B. van Goor. 1852. In post 8vo. 141 bl. f :-90.’ In: Vaderlandsche letteroefeningen. Jaargang 1852 (1852)
L.Ph.C. van den Bergh, ‘Bibliographisch album.’ In: De Gids. Jaargang 1856 (1856)
W.J. Hofdijk, ‘Derde tijdvak Latere Nederlandsche letteren. (Van 1550-1790.)’ In: Geschiedenis der Nederlandsche letterkunde (1857)
C.P. Serrure, ‘Over het gedicht: ‘Vanden Eenhoren.’’ In: Vaderlandsch museum voor Nederduitsche letterkunde, oudheid en geschiedenis. Deel 2 (1858)
Willem Bilderdijk, ‘Cats.’ In: De dichtwerken van Bilderdijk. Deel XIV (1859)
Cd. Busken Huet, ‘Letterkunde.’ In: De Gids. Jaargang 1863 (1863)
Willem Gerard Brill, ‘Tweede hoofdstuk.De Rhetorico-didactiek in poëzij.’ In: Nederlandsche spraakleer. Deel III. Stijlleer (Rhetorica. Letterkundige encyclopedie en kritiek) (1866)
J.A. Alberdingk Thijm, ‘De liefdesgeschiedenissen van twee Nederlandsche dichters.’ In: De Gids. Jaargang 1871 (1871)
Cd. Busken Huet, ‘Jacob Cats.’ In: Litterarische fantasien en kritieken. Deel 1 (1881)
Cd. Busken Huet, ‘VII [Hollandsche schilders in Italie. - Delftsche plateelbakkunst. - De prenten in Cats]’ In: Het land van Rembrand (1882-84)
Frederik van Eeden, ‘Aan Jacob Cats’ In: Grassprietjes (onder ps. Cornelis Paradijs) (1885)
W.J.A. Jonckbloet, ‘De Nederlandsche letterkunde in de zeventiende eeuw. Tweede boek.’, ‘I. Buiten Amsterdam.’ In: Geschiedenis der Nederlandsche letterkunde. Deel 4: De zeventiende eeuw (2) (1890)
W.J.A. Jonckbloet, ‘II. Jakob Cats.’ In: Geschiedenis der Nederlandsche letterkunde. Deel 4: De zeventiende eeuw (2) (1890)
J.A. Worp, ‘Brieven van Huygens aan Cats.’ In: Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 12 (1893)
Joost Hiddes Halbertsma, ‘Cats en de taal.’ In: Taal en Letteren. Jaargang 4 (1894)
J.A.F.L. van Heeckeren, ‘Vader Cats.Door J.A.F.L. Baron van Heeckeren.’ In: Taal en Letteren. Jaargang 5 (1895)
[tijdschrift] Tijdschrift voor Nederlandse Taal en Letterkunde, ‘De zachte en scherpe E en O bij Cats.’ In: Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 14 (1895)
Johannes Bolte, ‘Verdeutschungen von Jakob Cats' Werken.’ In: Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 16 (1897)
[tijdschrift] Gids, De, ‘Cats.’ In: De Gids. Jaargang 1899 (1899)
[tijdschrift] Gids, De, ‘Cats.’ In: De Gids. Jaargang 1899 (1899)
G. Kalff, ‘Cats.’ In: Taal en Letteren. Jaargang 9 (1899)
G. Kalff, ‘Kunstkritiek.’ In: Taal en Letteren. Jaargang 9 (1899)
G. Kalff, ‘De populariteit van Cats.’ In: Taal en Letteren. Jaargang 9 (1899)
G. Kalff, ‘Constantyn Huygens.’ In: De Gids. Jaargang 1900 (1900)
Adriaan Beets, ‘Een deftigh werck.’ In: Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 19 (1900)
Foeke Buitenrust Hettema, ‘Een en ander over Jacob Cats.’ In: Taal en Letteren. Jaargang 14 (1904)
J.H. van den Bosch en G. Engels, ‘Kleinigheden.’ In: Taal en Letteren. Jaargang 14 (1904)
Foeke Buitenrust Hettema en G.A. Nauta, ‘Kleinigheden.’ In: Taal en Letteren. Jaargang 14 (1904)
P.C. Molhuysen, ‘Brief van Jacob Cats aan Const. Huygens.’ In: Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 24 (1905)
G. Kalff, ‘Cats en Huygens.’ In: Geschiedenis der Nederlandsche letterkunde. Deel 4 (1909)
P.C. Molhuysen, ‘Nog een brief van Cats aan Huygens.’ In: Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 29 (1910)
Constantijn Huygens, Briefwisseling. Deel 1: 1608-1634 (ed. J.A. Worp) (1911)
A.H. Kan, ‘Het vertrek van Jacob Cats van Middelburg naar Dordrecht.’ In: Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 31 (1912)
H. J. Eymael, ‘De lofdichten van J. Cats, J. de Brune en I. Luyt op C. Huygens' Costelick Mal en Voorhout.’ In: Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 32 (1913)
Constantinus Bake en G. Kalff, ‘Kleine mededeelingen.’ In: Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 35 (1916)
Constantijn Huygens, ‘5227. J. Cats. (L.B.)’ In: Briefwisseling. Deel 5: 1649-1663 (ed. J.A. Worp) (1916)
Tiemen de Vries, ‘Chapter XXIV The Emblem Books, Van der Noot, Erasmus, Hadrianus Junius, Whitney, Plantyn, Jacob Cats.’ In: Holland's Influence on English Language and Literature (1916)
J. te Winkel, ‘XXXVII. Werk en invloed van Cats na 1625.’ In: De ontwikkelingsgang der Nederlandsche letterkunde. Deel 3: Geschiedenis der Nederlandsche letterkunde van de Republiek der Vereenigde Nederlanden (1) (1923)
J. te Winkel, ‘XXII. De eerste dichtwerken van Jacob Cats.’ In: De ontwikkelingsgang der Nederlandsche letterkunde. Deel 3: Geschiedenis der Nederlandsche letterkunde van de Republiek der Vereenigde Nederlanden (1) (1923)
J. te Winkel, ‘XXIII. Cats als het hoofd der Zeeuwsche poëten.’ In: De ontwikkelingsgang der Nederlandsche letterkunde. Deel 3: Geschiedenis der Nederlandsche letterkunde van de Republiek der Vereenigde Nederlanden (1) (1923)
P.J. Blok, ‘Hoofdstuk IIIDe prins op het toppunt zijner macht’ In: Geschiedenis van het Nederlandsche volk. Deel 2 (1924 (3de herziene druk))
P.J. Blok, ‘Boek VIIDe republiek tijdens Johan de Witt’, ‘Hoofdstuk IDe eerste jaren van vrede’ In: Geschiedenis van het Nederlandsche volk. Deel 3 (1925 (3de herziene druk))
Joseph Vles, ‘Chapitre IIITraductions hollandaises de romans picaresques espagnols’ In: Le roman picaresque hollandais des XVIIe et XVIIIe siècles et ses modèles espagnols et français (1926)
Catharina Ypes, ‘III. Petrarca in het werk van de Zeventiende-eeuwse dichters en schrijvers’ In: Petrarca in de Nederlandse letterkunde (1934)
Gerard Brom, Vondels geloof (1935)
W.J.C. Buitendijk, ‘Hoofdstuk X. Adriaen Poirters S.J.’ In: Het calvinisme in de spiegel van de Zuidnederlandse literatuur der Contra-Reformatie (1942)
W.A.P. Smit, ‘Het geestelick Houwelick van Jacob Cats.’ In: De Nieuwe Taalgids. Jaargang 37 (1943)
P.J. Meertens, ‘Jacob Cats’ In: Letterkundig leven in Zeeland in de zestiende en de eerste helft der zeventiende eeuw (1943)
P.J. Meertens, ‘V. Letterkundig leven na de Reformatie’, ‘De Zeeusche Nachtegael’ In: Letterkundig leven in Zeeland in de zestiende en de eerste helft der zeventiende eeuw (1943)
P.J. Meertens, ‘Johan de Brune, de Oude’ In: Letterkundig leven in Zeeland in de zestiende en de eerste helft der zeventiende eeuw (1943)
Isaac Beeckman, ‘[1633]’ In: Journal tenu par Isaac Beeckman de 1604 à 1634. Tome 3: 1627-1634 (1635) (ed. C. de Waard) (1945)
W.A.P. Smit, ‘Notities van een lezer.Cats over de opvoeding van Huygens.’ In: De Nieuwe Taalgids. Jaargang 41 (1948)
G.A. van Es en G.S. Overdiep, ‘Jacob CatsVan Zeeland over Dordrecht naar Den Haag.’ In: Geschiedenis van de letterkunde der Nederlanden. Deel 4 (1948)
G.P.M. Knuvelder, ‘Jacob Cats (1577-1660)’ In: Handboek tot de geschiedenis der Nederlandse letterkunde. Deel 2 (1948)
P. Geyl, ‘4. Cultuurleven’ In: Geschiedenis van de Nederlandse stam (herziene uitgave) (1948-1959)
P. Geyl, ‘Boek VIn tegenovergestelde kampen, 1609-1648’, ‘1. Voortschrijdende verwijdering in het geestelijke’ In: Geschiedenis van de Nederlandse stam (herziene uitgave) (1948-1959)
W. Drees, ‘Drees citeert Cats’ In: Drees aan het woord (1952)
Karel Meeuwesse, ‘IV De Duytse LierPoetische Aspecten’ In: Jan Luyken als dichter van de Duytse Lier (1952)
H. Algra en A. Algra, ‘H. Algrade vrije zee’, ‘1. De dwaalweg naar Stuart’ In: Dispereert niet. Deel 2 (1956)
Gerard Brom, Schilderkunst en literatuur in de 16e en 17e eeuw (1957)
P.J. Meertens, ‘Een brief van Cats aan Johan de Brune’ In: Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 78 (1961)
W.Gs Hellinga, ‘De zeventiende eeuw’ In: Kopij en druk in de Nederlanden. Atlas bij de geschiedenis van de Nederlandse typografie (1962)
C.F.A. van Dam, C. Kruyskamp, P.J. Meertens, A. Sassen en A.A. Weijnen, ‘Boekbeoordelingen’ In: Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 79 (1963)
E. de Jongh, ‘De rozen en doornen van de liefde’ In: Zinne- en minnebeelden in de schilderkunst van de zeventiende eeuw (1967)
E. de Jongh, ‘‘De soetheydt van de kerle’’ In: Zinne- en minnebeelden in de schilderkunst van de zeventiende eeuw (1967)
S.F. Witstein, 'Menanders Pleidooi' (1967)
E. de Jongh, 'Erotica in vogelperspectief. De dubbelzinnigheid van een reeks zeventiende-eeuwse genrevoorstellingen' (1968-1969)
A.Th. van Deursen, ‘VII. Gemeentevorming I De groei van de hervormde kerk’ In: Bavianen en slijkgeuzen (1974)
D.J.M. ten Berge, ‘De Koningklyke herderin Aspasia van Jacob Cats (1)’ In: De Nieuwe Taalgids. Jaargang 69 (1976)
D.J.M. ten Berge, ‘Jacob Cats als Renaissancistisch dichter’ In: De Nieuwe Taalgids. Jaargang 69 (1976)
Ulrich Bornemann, ‘4. Kapitel Die Gelegenheitsdichtung am Beispiel der Hochzeitsdichtung’ In: Anlehnung und Abgrenzung (1976)
E. de Jongh, ‘Catalogus’, ‘Lijst van Afkortingen’ In: Tot lering en vermaak (1976)
J.J. Poelhekke, ‘Hoofdstuk XXXIV’ In: Frederik Hendrik (1978)
J.J. Poelhekke, ‘Hoofdstuk XXV’ In: Frederik Hendrik (1978)
E.K. Grootes, 'Literatuurhistorie en Cats' visie op de jeugd' (1980)
L. Strengholt, ‘Uit de commissies’, ‘Commentaar (van Cats?) op Aenden Leser van Hofwijck (Samenvatting)’ In: Nieuw Letterkundig Magazijn. Jaargang 1 (1983)
H. Duits, ‘Cats' Trov-ringh voor Anna Schilders’ In: Nieuw Letterkundig Magazijn. Jaargang 1 (1983)
Hubert Meeus, ‘Jacob Cats’ In: Repertorium van het ernstige drama in de Nederlanden 1600-1650 (1983)
Herman Roodenburg, 'De autobiografie van Isabella de Moerloose. Sex, opvoeding en volksgeloof in de zeventiende eeuw' (1983)
A. de Korne en T. Rinkel, ‘II Een Trouwgeval’ In: Cursus zestiende- en zeventiende- eeuws Nederlands (1987)
Maria-Theresia Leuker en Herman Roodenburg, ‘‘Die dan hare wyven laten afweyen’ Overspel, eer en schande in de zeventiende eeuw’, ‘[1]’, ‘[2]’, ‘[3]’, ‘[4]’, ‘[5]’, ‘Bijlage’, ‘Chronologische lijst van de geraadpleegde kluchten en blijspelen’ In: '"Die dan hare wyven laten afweyen." Overspel, eer en schande in de zeventiende eeuw' (1988)
Eric J. Sluijter, 'Belering en verhulling? Enkele 17de-eeuwse teksten over de schilderkunst en de iconologische benadering van Noordnederlandse schilderijen uit deze periode' (1988)
Patrick De Rynck en Andries Welkenhuysen, De Oudheid in het Nederlands (1992)
[tijdschrift] Nieuwe Taalgids, De, ‘De aantekeningen van Pieter de la Ruë. Een 18e-eeuwse bron voor receptieonderzoek op letterkundig gebied.’ In: De Nieuwe Taalgids. Jaargang 86 (1993)
S.D. Post, 'De aantekeningen van Pieter de la Ruë. Een 18e-eeuwse bron voor receptieonderzoek op letterkundig gebied' (1993)
Hans Luijten en Mieke B. Smits-Veldt, 'Nederlandse pastorale poëzie in de 17de eeuw. Verliefde en wijze herders' (1993)
Adriaen van de Venne, ‘Hoofdstuk 6De 'By-gevoegde Raedsel-Spreucken'’ In: Tafereel van de belacchende werelt (ed. M. Van Vaeck) (1994)
Adriaen van de Venne, ‘Hoofdstuk 4Boeren op en rond Van de Vennes kermis’ In: Tafereel van de belacchende werelt (ed. M. Van Vaeck) (1994)
Adriaen van de Venne, ‘Hoofdstuk 7Van de Vennes stijl’ In: Tafereel van de belacchende werelt (ed. M. Van Vaeck) (1994)
Adriaen van de Venne, ‘Hoofdstuk 5'De voornaemste Woel-Lieden, ofte Kermis-Gasten'’ In: Tafereel van de belacchende werelt (ed. M. Van Vaeck) (1994)
Hans Luijten, ‘‘Pracht en pronkstuk van het Nederlandsch Maecenaat’ Het Museum Catsianum van W.C.M. de Jonge van Ellemeet (1811-1888)’ In: Dierbaar magazijn. De bibliotheek van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde (1995)
Hans Luijten, 'Gezien of gelezen? Realia en ontleningen in Jacob Cats' "Sinne- en minnebeelden"' (1995)
Karel Porteman, 'Het embleem als "genus iocosum". Theorie en praktijk bij Cats en Roemer Visscher' (1995)
Klaus Beekman, G.J. van Bork, Jorine Lamsma en P.J. Verkruijsse, ‘Signalementen’ In: Literatuur. Jaargang 14 (1997)
Justus van Effen, ‘No. 37. Den 3. Maart 1732. De Hollandsche Spectator.’ In: De Hollandsche Spectator (ed. Elly Groenenboom-Draai) (1998)
J.J. Kloek, 'Burgerdeugd of burgermansdeugd? Het beeld van Jacob Cats als nationaal zedenmeester' (1998)
Willem Frijhoff en Marijke Spies, ‘9 Literatuur en muziek’ In: 1650. Bevochten eendracht (1999)
Hans Luijten, ‘Kruyskamp-prijs 2000Dankwoord door Hans Luijten’ In: Jaarboek van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde, 2000 (2000)
Ariadne Schmidt, 'Van de lusten geproefd. Wellust in het weduwebeeld in de vroegmoderne periode. Twee eeuwenoude weduwebeelden' (2000)
Johan Koppenol, ‘Johan KoppenolDe eerste keer. Adam en Eva in het paradijs van Jacob Cats’ In: Literatuur. Jaargang 19 (2002)
A. Agnes Sneller, ‘Boekbeoordelingen’ In: Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 120 (2004)
Eric Jorink, Het 'Boeck der Natuere' (2006)
Johanna Hobius, ‘Aen mijn Heer Mr. Iacob Cats van Hollandt, en VVestvrieslandt.’ In: Het lof der vrouwen (ed. J. van Dam) (2009)
Websites over Jacob Cats
http://www.hum.uva.nl/dsp/ljc/cats/
http://www.kb.nl/galerie/100hoogtepunten/050.html
http://emblems.let.uu.nl/emblems/html/c1627front.html
http://emblems.let.uu.nl/emblems/html/c1618front.html
Terug naar overzicht
Jacob Cats, door M.J. van Miereveld.